Over anderhalve dag sta ik aan de start van de CPC-loop Den Haag, waar ik vier jaar terug mijn record liep op de 10 kilometer (48:12). In eerste instantie dacht ik dit jaar een goede kans te maken op een nieuw record, maar mijn schenen gooiden aan het begin van deze week roet in het eten. Nou is het misschien niet helemaal eerlijk om de schuld te geven aan mijn schenen, want mijn schenen zijn de dupe van mijn ongelooflijke gemotiveerde maar eigenwijze gedrag van de afgelopen weken. Let me explain.

In tijden voelde ik me niet zo gemotiveerd als ik mij de laatste tijd heb gevoeld, wat ervoor heeft gezorgd dat ik me misschien ietsje teveel gepusht heb. De intervaltraining van afgelopen week maandag was de druppel die de emmer deed overlopen, toen ik na afloop van een heftige 10 kilometer interval ineens last kreeg van mijn schenen. Ik ben inmiddels (helaas) geen newbie meer met blessures, dus weet als geen ander wanneer ik mijn eigen grenzen overga. Ik zag dit dan ook wel stiekem een beetje aankomen. Hardlopers schijnen echter koppige mensen te zijn, wat deze week maar weer werd bevestigd.

Maar hey! Mijn vorige blessures zijn niet helemaal voor niets geweest, want ik weet nu tot hoever ik kan gaan en wanneer ik wat gas terug moet geven. De komende drie weken staan er drie wedstrijden op de planning waarvan één een halve marathon. Dat wordt een uitdaging, met opkomende shin splints. Niet zozeer omdat ik bang ben de wedstrijden niet te kunnen lopen van de pijn, maar meer omdat ik over drie weken geen zin heb in een periode van 4 tot 6 weken rust (iets wat wel nodig is, als je shin splints te veel forceert). Wat doe ik nu? Hoe ga ik de komende 3 weken overleven zonder er als een verfrommeld, verschrompelt rozijntje uit te komen?

Naast veel ijzen en foamrollen, zal ik de komende weken niet zoveel hardlopen als gepland. Voor de halve marathon wilde ik sowieso niet verder gaan dan de 10 kilometer (gebaseerd op het Sportrusten schema), maar nu denk ik dat ik het houd bij een schrale twee runs per week, bestaande uit één training en de wedstrijd. Met de conditie zit het dankzij mijn Muay Thai lessen toch wel goed. Tijdens Muay Thai moet ik echter ook een beetje opletten, want daar wordt veel aan springtouwen en burpees gedaan. Springen is een mega slecht plan als je last heb van je schenen. De wedstrijden die ik loop zal ik zoveel mogelijk letten op mijn pasfrequentie. Dit is iets wat ik al deed tijdens mijn normale trainingen, maar tijdens intervaltrainingen dit spontaan vergat om sneller te kunnen. Grote kans dat ik daardoor nu dus weer last heb. Ik merk enorm verschil tussen de impact van voorvoet- en haklanding en zal dus, ondanks dat dit verschrikkelijk ROT rent (ik ben er nog niet aan gewend), zoveel mogelijk muizenstapjes proberen te zetten.

Terug naar de CPC-loop. Hoe ik zondag ga rennen is dus helemaal afhankelijk van hoe mijn schenen op die dag aanvoelen. Mocht ik geen last hebben (wat me onwaarschijnlijk lijkt, maar never say never) dan zal ik voor een mooie tijd proberen te gaan. Een record zit er niet in, omdat ik met een pasfrequentie van 170-180 stappen per minuut er uitzie als een pinguïn en lang niet zo snel ben als wanneer ik mijn benen als een galop voor me uit sla. Oh, daarbij komt dat ik de middag ervoor een zware training heb van K1 kampioen Murthel Groenhart. Dus ja. Mocht je me dus ergens moeilijk zien doen langs de weg, trek dan gerust even aan mijn staart en cheeer me on. Dat zal ik nodig hebben.

Zie ik jou aankomende zondag bij de CPC-loop Den Haag?

Liefs,

Lau

Laura

Written by 

Op mijn blog wil ik je laten zien hoe mooi het leven eigenlijk wel niet is, hoe je het beste uit jezelf kunt halen en je vooral je stimuleren je dromen te durven volgen. Life is good!

    Find more about me on:
  • facebook
  • linkedin
  • youtube